Tafeltennis – Interview met Gamal de Groot

Gepubliceerd op o.a. www.tafeltennisnederland.nl en www.facebook.com

Door: Ted van der Meer

Gamal de Groot (22) werd geboren in Amersfoort. Hij groeide op in Soest waar hij lid werd van lokale tafeltennisclub SHOT. Momenteel woont hij in Hilversum en studeert hij in Utrecht. Hij zit in het laatste jaar van de opleiding Bedrijfseconomie. Hij is lid van TTV Hilversum, dat de ranglijst aanvoert met één punt voorsprong op landskampioen Enjoy & Deploy Taverzo. Gamal is na drie wedstrijden nog ongeslagen. Met 6 uit 6 bezit hij een 100%-score.

1. Je begon bij SHOT Soest. Daar had je destijds twee echte grote talenten rondlopen. Pepijn Leppers en jijzelf. Was het toeval of kregen jullie daar gewoon hele goeie training?
“Pepijn werkte veel samen met Tsuri Menereis en trainde destijds niet altijd mee met de groep bij SHOT. Hij ging dikwijls naar Papendal. Wij speelden vroeger wel vaak op de vrijdag samen. Zelf trainde ik het meest bij Paul Roest en later verzorgde René Hijne de training. Verder sprak ik af met mensen om een balletje te slaan.”

2. Je was op je vijftiende clubkampioen van SHOT en je speelde al in 2007 derde divisie. Je scoorde meteen al prima met 17 uit 30 = 56%. Vond je het moeilijk om na een jaar de club te verlaten voor Hilversum?
“De overstap naar Hilversum was niet echt moeilijk, want ik kende de club al goed. Bij de jeugd heb ik ook al een seizoen bij Hilversum gespeeld. Wel had ik het altijd gezellig tijdens de jeugd bij SHOT.”

3. De volgende sprong was in 2009. Je verruilde de tweede divisie voor de eredivisie bij Argus (HJMusic) in Harkstede. Waarom die grote stap, of viel dat best mee?
“Dat seizoen won ik veel in de tweede divisie, maar we werden geen kampioen. Toen werd ik gevraagd om voor HJMusic te spelen. Ik twijfelde wel, omdat ik het erg leuk had bij Hilversum, maar ik wilde graag kijken wat er in het vat zat. Toen was het aanbod om eredivisie te mogen spelen erg verleidelijk. Samen met René ging ik toen naar HJMusic. Het was wel een grote stap qua niveau.”

4. En was het vertrek naar Smash’70 in 2011 een volgende logische stap in je carrière?
“Wij hadden in Harkstede als team (Frank Niemeijer, Nathan van der Lee, Carsten Egeholt en ik) veel en leuk contact. Graag hadden wij als team op dat moment nog doorgespeeld met z’n allen, maar helaas viel ons team uit elkaar. Afgelopen zomer zijn we nog met z’n vieren naar Frankrijk geweest. Doordat ons team niet door kon gaan, kwam ik vrij snel in contact met Smash’70.”

5. Heb je daar bereikt wat je wilde?
“In Hattem heb ik een leuke tijd gehad. De sfeer in het team was altijd erg leuk en de thuiswedstrijden waren ook gezellig met de mensen die altijd kwamen kijken. Ik heb leuke mensen leren kennen in Hattem. Als ik naar mijn resultaten kijk was ik ook wel tevreden. Ik heb één minder seizoen gedraaid en één heel goed seizoen. Voor de rest zat ik altijd wel constant qua resultaten.”

6. Je bent nooit international geweest. Is dat met terugwerkende kracht een teleurstelling voor je?
“Nee, eigenlijk niet. Ik was gewoon niet goed genoeg. Ik trainde op woensdag weleens mee op Papendal maar ik ben nooit gevraagd voor de nationale selectie. Dat begrijp ik wel. Pepijn bijvoorbeeld was gewoon beter dan ik. Ik ben nooit naar een internationaal toernooi geweest en daar heb ik ook achteraf geen enkel probleem mee.”

7. Nu speel je bij Hilversum. Voelt dat als ‘thuiskomen’?
“Het voelt goed. Ik was elke week al bij Hilversum, dus er veranderde niet veel qua gevoel. Het is natuurlijk wel leuk dat ik nu ook de wedstrijden voor Hilversum speel in plaats van alleen mee te trainen. Verder ken ik iedereen van de club al een tijdje, dat maakt het ook altijd gezellig.”

8. Je zit in een sterk team met Merijn de Bruin en Nathan van der Lee. Op dit moment staan jullie zelfs bovenaan, één punt voor Taverzo. Had je dat kunnen verwachten?
Het is nog vroeg in het seizoen en wij hebben nog niet de sterkste tegenstanders gehad. Hierdoor is het lastig te zeggen waar je daadwerkelijk staat. We zorgen er gewoon voor dat we elke wedstrijd keihard ons best doen en dan kijken we waar we staan.”

9. Aanstaande zaterdag is de confrontatie met Taverzo. Hebben jullie kans om te winnen?
“Taverzo is een sterk team. De kansen voor ons hangt ook van de opstelling af. Ik ken dat team niet zo goed, maar als ze met Rajko (Gommers), de Chinees en de Fin spelen, dan wordt het wel heel erg moeilijk.”

10. Ga je ervan uit dat jullie de playoffs gaan halen of zie je nog problemen?
“Tot nu toe zijn we goed bezig. Over een aantal wedstrijden weten we of de playoffs gehaald zijn. We kunnen niet meer dan keihard ons best doen.”

11. Tenslotte, als je kijkt naar het einde van het seizoen, wanneer ben je dan tevreden?
“Tevreden ben ik als we het allemaal leuk hebben gehad binnen het team en we elke wedstrijd alles hebben gegeven om onze wedstrijden te winnen. Verder hoop ik zo hoog mogelijk te eindigen. Als wij goed spelen kunnen we ver komen.”

Tafeltennis – Stellan Smid (15) in eredivisie

Op zijn vijftiende jaar maakt STELLAN SMID al deel uit van een eredivisieploeg. En niet de minste. Hij komt uit voor het topteam Van Wijnen Smash´70 uit Hattem. Stellan timmert stevig aan de weg, onder meer via zijn eigen website www.stellansmid.nl.

Een nadere kennismaking via zijn eigen blog:

“Ik ben Stellan Smid en ben geboren op 3 december 1998 in Uithoorn. Ik ben vernoemd naar Stellan Bengtsson, de Zweed die al op zijn achttiende wereldkampioen tafeltennis werd. Toen ik drie jaar was zijn wij verhuisd naar Appelscha. Vanaf mijn vijfde jaar tafeltennis ik. Dit deed ik met veel plezier in onze garage samen met mijn vader en tweelingbroer Merijn. Omdat ik zo klein was, werden daarom de poten onder de tafel weggezaagd waardoor ik net boven de tafel uit kon komen. Samen met Merijn en mijn vader, die trainer is, werd er vlak voor het eten menigmaal geoefend. Zo werden de eerste jaren vele partijtjes gespeeld.”

En recent:
“De afgelopen twee weken had ik en mijn team twee competitiewedstrijden. De eerste wedstrijd tegen DTK en de tweede tegen Pecos. Beide wedstrijden speelden wij thuis in Hattem. In de eerste wedstrijd deed ik niet mee. Samen met de geschorste Koen zaten wij op de bank onze teamgenoten (Martijn en Boris de Vries en Gerben Last) keihard aan te moedigen. Het heeft waarschijnlijk wel geholpen, want ze hebben het prima gedaan voor de eerste wedstrijd. Ze waren allemaal wat zenuwachtig, omdat het hun eerste wedstrijd bij Smash was en dat voor maar liefst 120 man publiek. Het was uiteindelijk 3-3 geworden. Uitblinker was Gerben. Hij won zijn beide potjes, van Wai Lung Chung en van Peter Verweij. Erg knap van Gerben. Martijn won de andere wedstrijd ook van Peter. Een prima start van het seizoen!”

“De tweede competitiewedstrijd speelden we ook thuis. Dit keer was het tijd voor mijn debuut, tegen mijn oude club Pecos. Eerst was de vraag of ik wel kon spelen, omdat ik last heb van mijn rug maar alles ging goed en ik kon spelen. Ik mocht de derde wedstrijd aan de bak. Het stond 1-1 ondertussen. Ik was erg zenuwachtig, er was veel publiek, zo’n 120 man. Ik begon erg goed en won de eerste twee games. Hierna kreeg Tony Nader meer vat op mijn spel en ging hij erg goed spelen. Ik verloor hellaas. Op zich wel een prima eerste wedstrijd. Ook mijn tweede wedstrijd verloor ik, van René Waterreus, erg jammer, het was erg close. We verloren in totaal met 4-2. Van tevoren gehoopt op een overwinning, maar ja dat kan helaas niet altijd. Op naar volgende week waar we tegen FVT op jacht gaan naar een overwinning!”

Tafeltennis – In gespek met Bennie Douwes (3)

Gepubliceerd op onder meer:
www.tafeltennisnederland.nl en www.facebook.com

“DE NTTB KOMT NIET PROFESSIONEEL OVER”

De in het Drentse Roden geboren en getogen BENNIE DOUWES (57 jaar) – als tafeltennistrainer al jarenlang actief bij het Harksteder Argus – is docent op de ActionType Academy, waar hij samenwerkt met topcoaches als Peter Murphy en Joop Alberda.

Op de website http://www.actiontype.nlpubliceerthij met Peter Murphy geregeld over training en coaching gerelateerde zaken. Daarbij hanteren zij ActionType als hulpmiddel. Het stelt de trainer-coach in staat om maatwerk aan zijn of haar sporters te leveren, zowel op cognitief, emotioneel als motorisch gebied.

De komende tijd gaat Ted van der Meer via mailwisselingen “in gesprek” met Bennie. Geen thema staat vooraf vast. Het kan gaan over training en coaching, talentontwikkeling, topsport en bestuurlijke zaken.

Vandaag het derde deel van het ‘drieluik’, vervat in 5 vragen: de verantwoordelijkheid van de NTTB’ers, die over topsport gaan en dan vooral gefucust op de communicatie vanuit het bondsbureau.

Vraag 5 Hoe kijk je in dit verband naar de verantwoordelijken en dan denk ik aan Jan Simons (hoofdbestuurslid topsport) en directeur, tevens technisch directeur Achim Sialino? En welk advies zou je de bond willen meegeven?

Ik kan niet over het functioneren van individuele mensen oordelen, eenvoudigweg omdat ik er niet bij ben geweest. Het geheel overziend twijfel ik wel of we de werkelijke reden van de keuze van de bond als doorslaggevende hebben gehoord. In ieder geval prik je bij even nadenken al snel door argumentatie in het persbericht heen. Van de jongere generatie is alleen Britt er aan toe om op dit niveau te acteren en zij zou ook in een opstelling met Li Jiao altijd spelen. Als ik de argumentatie lees dan komen bij mij twee dingen naar boven: óf de NTTB is niet in staat een reële inschatting te maken óf de NTTB hecht onvoldoende waarde aan het gedegen informeren van de achterban.

In werkelijkheid worden dit soort (onlogische) constructies vaak bedacht omdat er compromissen gesloten moeten worden. Een belangrijke schakel wil iets juist wel of juist niet en de anderen moeten (of gaan) zich daar uiteindelijk naar plooien. Naar buiten toe komt er een gekunsteld verhaal alsof iedereen er achter staat, maar daar is intern dan eerst flink over gesteggeld.

Op zich kan ik mij goed voorstellen dat Li Jiao – gelet op de fase waarin zij in haar carrière zit – niet alles meer kan, wil en moet gaan spelen. Maar dit is voor mij nog geen legitimatie voor een dubbelrol waarin de tijdschema’s van de heren en dames elkaar ook nog eens bijten. De NTTB komt hiermee in ieder geval niet professioneel over. Het voortdurend moeten gaan maken van keuzes, hoe harmonieus dat wellicht ook is gegaan, geeft nooit de duidelijkheid en rust die op zo’n evenment wenselijk en nodig is. Daarbij zaten de heren (meer dan de dames) in de afhankelijke rol en daarmee onzekere positie.

Een advies dat ik de bond graag mee wil geven is: zorg voor een transparante communicatie. Durf de tegenstrijdigheden die er zijn en de eventuele twijfels die je zelf hebt te delen met de buitenwacht. Het op deze manier kwetsbaar durven opstellen heeft grote voordelen en toont respect voor de achterban. Kom je met een half of ietwat gekunsteld verhaal dan gaan mensen twijfelen, gissen en vervolgens zelf invullen hoe het mogelijk wel zou zitten. De recente gebeurtenissen rondom het ongewilde vertrek van Alex Pastoor bij AZ vormen een treffend voorbeeld. Vertel ook alle slecht nieuws in één keer, in plaats van dat je het deels wilt camoufleren en er steeds meer uitlekt, dan kun je daarna meteen constructief opbouwen.

Ik merk al jaren dat een gebrek aan openheid en transparantie binnen de NTTB rumoer geeft en het draagvlak bij de leden en volgers geen goed doet. De NTTB heeft de achterban keihard nodig maar zal op deze defensieve en zelf beschermende manier waarschijnlijk nooit een brug weten te slaan naar een toekomst waarin over een breed front de geledingen constructief met de bond en met elkaar samenwerken. Gelet op het verleden en aanhoudende kritiek is er zeker voor de zittende beleidsmensen wel lef nodig om hierin het tij te keren, maar elke nieuwe dag is een kans om de ommezwaai in te zetten.

Veelzeggend was dat er een financieel dispuut over contributievoorstellen voor nodig was voordat het hoofdbestuur het oor eens echt bij de afdelingen en verenigingen te luister legde. Men was helemaal van de basis vervreemd geraakt. De achterban opzoeken en luisteren is één, wat daar vervolgens mee wordt gedaan is twee. Het is dus afwachten of het iets goeds gaat opleveren. Ik lees dat er een tweede ronde in gang is gezet en die bereidheid laat in ieder geval zien dat het hoofdbestuur het zelf ook nuttig heeft gevonden.

Overigens geldt de noodzaak van openheid en transparantie niet alleen voor het nemen van beslissingen, maar ook voor diepgaande evaluaties. De grote lijnen waarop de bondsraad toetst zijn voor mij ontoereikend om de zorgen af te laten nemen. Mijn scepsis hierover is gevoed door het verleden, maar hopelijk geldt ook hier het credo dat behaalde resultaten in het verleden geen garantie voor de toekomst bieden.

NASCHRIFT REDACTIE
Als er lezers zijn, die prangende thema’s willen voorleggen aan Bennie Douwes of aan Ted van der Meer, laat ons dat dan weten. Stuur dan een mail naar: redactie@tafeltennisnederland.nl.

Tafeltennis – In gesprek met Bennie Douwes (2)

Gepubliceerd op onder meer:
www.tafeltennisnederland.nl en www.facebook.com

DOCENT ACTIONTYPE ACADEMY EN TAFELTENNISTRAINER

De in het Drentse Roden geboren en getogen BENNIE DOUWES (57 jaar) – als tafeltennistrainer al jarenlang actief bij het Harksteder Argus – is docent op de ActionType Academy, waar hij samenwerkt met topcoaches als Peter Murphy en Joop Alberda.

Op de website http://www.actiontype.nl publiceert hij met Peter Murphy geregeld over training en coaching gerelateerde zaken. Daarbij hanteren zij ActionType als hulpmiddel. Het stelt de trainer-coach in staat om maatwerk aan zijn of haar sporters te leveren, zowel op cognitief, emotioneel als motorisch gebied.

Ted van der Meer voert via mailwisselingen ‘gesprekken’ met Bennie. Geen thema staat vooraf vast. Het kan gaan over training en coaching, talentontwikkeling, topsport en bestuurlijke zaken. Het eerste gesprek gaat over de Europese kampioenschappen in Lissabon. Gisteren kwamen de finalisten aan bod.

VANDAAG DEEL II: ORANJE

Vraag 3 Dan naar Oranje. Eerst in het algemeen, wat vind je van de prestaties?

De zesde plaats van de dames vind ik in deze samenstelling een vrijwel maximale prestatie, waaraan ze allemaal hebben bijgedragen. Ik volg verheugd de prestaties van Britt Eerland, ook in de Bundesliga. Haar ontwikkeling is zonder meer hoopgevend en knap te noemen.

De mannen speelden met een jong team en wisten niet uit de standaard divisie te promoveren. Dat we op dat niveau tussen landen als San Marino, Cyprus en Wales acteren is niet aan deze jongens te wijten. Ik zie het vooral als de gevolgen van een herenbeleid dat om wat voor reden ook generaties lang niet heeft gewerkt. Op zich is de ontwikkeling van jongens als Ewoud Oostwouder, Laurens Tromer, Rajko Gommers en Martin Katchanov positief, maar dit EK moet ook voor hen een teleurstelling zijn geweest. In topsport gaat het er nu eenmaal om wat doe je op de cruciale ballen. Daar wordt het verschil tussen succes hebben en het (net) niet halen beslecht.

Ewoud en Laurens hebben de stap naar de Duitse competitie onlangs gezet en dat is goed voor de vorming van hun mentale weerbaarheid. Het zal op de middellange termijn zijn vruchten af moeten gaan werpen. Belangrijk is dat deze jongens voor ogen houden dat er nog een lange weg is te gaan. Bij de heren is de prestatiedichtheid van de landen een stuk hoger dan bij de dames. Het voortdurend maken van stapjes is zeker een kwestie van de lange adem. Overigens eentje zonder garanties want op alle werkterreinen zien we het fenomeen van peoples principal opgeld doen. Tot op een bepaald niveau is de potentie volop daar, op een niveau hoger schiet het tekort. Er komen dan andere dingen bij kijken. Met een uitstapje naar het bedrijfsleven: een heel goed afdelingshoofd, zie je nogal eens tekortschieten in de rol van directeur. Een parallel die ook in de sport onverminderd geldt.

Vraag 4 Li Jiao was toegevoegd als speelster aan het vrouwenteam (logisch, want zij is onze nummer één), maar tegelijkertijd was ze bondscoach van de mannen. Dat lijkt me voor alle partijen nogal onrustig. Wat vind jij van deze situatie?

Allereerst begrijp ik dat de NTTB graag stappen met de heren wil maken. Er wordt volop in deze lichting geïnvesteerd en voor de continuïteit van het proces is het om meerdere redenen van belang dat we op korte termijn het niveau van de Challenge divisie halen. Dat Li Jiao in de ontwikkeling van deze jongens een belangrijke rol speelt en veel vertrouwen geniet is evident. Dus een logische keuze? Dat denk ik niet. Met deze keuze hebben de dames de kans op een medaille ingeleverd en dat kan in de topsport nooit en te nimmer de bedoeling zijn.

De beslissing vind ik ook een merkwaardige omdat het suggereert dat de afhankelijkheid van de mannen van de coaching van Li Jiao zo groot is dat dit niet door iemand anders overgenomen kon worden. Dat weiger ik te geloven. Het is ook geen goede zaak, de ontwikkeling van spelers loopt uiteindelijk niet via vertrouwen in de coach, maar over het hebben van voldoende zelfvertrouwen. Geloof in eigen kunnen en het geloof in de coach staan tot een bepaald moment in wisselwerking met elkaar, maar het laatste kan bij onvoldoende evenwichtigheid in de relatie al snel afbreuk doen aan het eerste. Dit is een valkuil binnen de sporter-coach relatie en een reden waarom goede sporters toch niet op volgende niveaus doorbreken. Elk hoger niveau stelt andere eisen en voor het oplossen van de problemen die ze daar tegenkomen moeten sporters zelf bij de bron van de oplossingen weten te komen.

Zaterdag volgt het derde en laatste deel uit het eerste interview met Bennie Douwes. Dan komt de rol van de topsport-verantwoordelijken aan bod, zoals die van het bestuurslid topsport Jan Simons, technisch directeur Achim Sialino en bondscoach Elena Timina. Ook gaat het over de manier waarop de NTTB communiceert, met als Douwes’ uitgangspunt: ”Zorg voor een transparante communicatie. Durf de tegenstrijdigheden die er zijn en de eventuele twijfels die je zelf hebt, deel die met de buitenwacht.”

Tafeltennis – In gesprek met Bennie Douwes (1)

Gepubliceerd op onder meer:
www.tafeltennisnederland.nl en www.facebook.com

DOCENT ACTIONTYPE ACADEMY EN TAFELTENNISTRAINER

De in het Drentse Roden geboren en getogen BENNIE DOUWES (57 jaar) – als tafeltennistrainer al jarenlang actief bij het Harksteder Argus – is docent op de ActionType Academy, waar hij samenwerkt met topcoaches als Peter Murphy en Joop Alberda.

Op de website http://www.actiontype.nlpubliceerthij met Peter Murphy geregeld over training en coaching gerelateerde zaken. Daarbij hanteren zij ActionType als hulpmiddel. Het stelt de trainer-coach in staat om maatwerk aan zijn of haar sporters te leveren, zowel op cognitief, emotioneel als motorisch gebied.
De komende tijd gaat Ted van der Meer via mailwisselingen “in gesprek” met Bennie. Geen thema staat vooraf vast. Het kan gaan over training en coaching, talentontwikkeling, topsport en bestuurlijke zaken. Bennie zegt: “Ik maak mij zorgen over de toekomst van het tafeltennis in Nederland, maar wie niet?”

VANDAAG DEEL I (VAN EEN DRIELUIK).

Vraag 1 We hebben net het Europees kampioenschap voor landenteams in Lissabon achter de rug. Dat is een logisch onderwerp voor de eerste bijdrage. Om te beginnen: wat vind je ervan dat de hegemonie van Duitsland doorbroken is bij de mannen. Is Portugal ook voor jou een verrassende kampioen?

Als er een team in staat was favoriet Duitsland te kloppen dan werd die rol vooraf aan Portugal toebedacht. Ze hebben als het ware een gouden generatie – met Marcos Freitas als iemand die in Europa iedereen kan verslaan – die steeds rijper wordt. De Portugese mannen waren bij eerdere evenementen al een gevaarlijke outsider maar misten toen op de beslissende momenten de mentale stabiliteit. Wellicht sprak ook in hun voordeel dat ze zich echt in het toernooi hebben moeten vechten, zelfs al om de poulefase te overleven. Als dat dan lukt en het thuispubliek gaat er achter staan dan heb je de wind in de rug. Die veerkracht en steun hebben in de finale ook een belangrijke rol gespeeld. Bij Duitsland, dat tot de eindstrijd soepel door het toernooi rolde, zag je naarmate de wedstrijd vorderde de onzekerheid toenemen en uit die greep kwamen ze niet meer.

Normaliter is Duitsland voor mij het sterkste team, maar dat wil niet zeggen dat je het dan ook gaat redden. Na al die jaren van hegemonie, liep het nu een keer mis. Elke serie wordt een keer gebroken. In de eerste plaats doordat Portugal in de finale het allerbeste in zich naar boven wist te halen. In de tweede plaats omdat de Duitse mannen niet de ultieme vorm hadden. Hun voorbereidingen kenden ook een bizar karakter. Eerst valt Patrick Baum twee dagen voor de EK door familieomstandigheden af, vervolgens moet Dimitrij Ovtcharov een kaakoperatie ondergaan en terwijl ze met z’n drieën in Lissabon zijn loopt Patrick Franziska een enkelblessure op, waardoor hij zes tot acht weken is uitgeschakeld. Overhaast komt Ovtcharov alsnog in actie, maar de beste Europese speler van het afgelopen seizoen haalde niet zijn normale niveau.

Vraag 2 Bij de vrouwen was Duitsland wel weer superieur. In de finale waren vier geboren Chinese speelsters actief. Hoe kan het Europese tafeltennis profiteren van de vele Chinese toppers? Of zie je er (grote) nadelen in?

Profiteren van de Chinese speelsters gebeurt als mede door hen het niveau van de Europese dames omhoog gaat, maar dat gewenste effect zie ik te weinig. Het verschil met de Aziatische top is bij de dames echt een enorme kloof. Het lijkt wel of het de ambitie eerder afstompt dan vergroot. Soms laten sportteams zien dat de route naar het onmogelijke wel degelijk bestaat. Medailles die eerst worden verzonnen, veel later worden geloofd en uiteindelijk worden waargemaakt. De Nederlandse volleybalmannen die onder leiding van Joop Alberda in Atlanta Olympisch goud haalden vormen het ultieme voorbeeld. Meer recent kun je denken aan de gouden waterpolodames van Robin van Galen, alsmede aan de tweede en derde plaats op het WK-voetbal met respectievelijk Bert van Marwijk en Louis van Gaal als bondscoach. Alles start bij inspiratie, een visionair concept en de bereidheid er alles voor te geven en te laten. Over de hele linie gezien ontbreekt dit naar mijn idee in het Europese damestafeltennis.

Vrijdag en zaterdag volgen het tweede en derde deel van het eerste interview met Bennie Douwes. Dan worden de prestaties van de Nederlandse EK-teams onder de loep genomen en tevens de rol die de topsport-verantwoordelijkheden in dit verband hebben. Ook de communicatie vanuit de bond komt aan bod.